Nieuwsoverzicht
De geselecteerde passage is genomen uit Vitruvius' De Architectura en wel uit boek II, 2-4. In dit stuk lezen we hoe de architect Dinocrates uit Macedonië tot Alexander de Grote doordringt door zich op een heel bijzondere wijze uit te dossen. Hij wil hem namelijk een spectaculair ontwerp laten zien voor de Athosberg. Alexander is weliswaar gecharmeerd van dit plan, maar merkt op dat het logistiek niet haalbaar is. Toch vraagt hij hem in zijn gevolg te blijven omdat hij later van zijn diensten gebruik wenst te maken. Hij gaat met hem mee naar Egypte en ontwerpt voor Alexander de stad Alexandrië.
De commissie ontving in totaal zeventien vertalingen, dertien van classici en vier van niet-classici.
De commissie en de jury hebben deze met waardering en plezier beoordeeld. Een enkele viel op door mooie vertaalvondsten, andere gaven een correcte, degelijke weergave van de tekst, getuigend van een goede kennis van het Latijn (Saskia van der Lee) of gebruikten veel bijzinnen aan het begin van de zin, wat lastig lezen is (Bram Boers).
In de categorie niet-classici gaat de prijs naar C. Eimermann. Het juryrapport luidt: “De vertaling is handgeschreven en kan daardoor de indruk wekken ouderwets te zijn. De stijl is echter levendig en fris, de woordkeus doordacht en vaak raak, de zinnen lopen soepel en de tekst als geheel leest plezierig. Enkele mooie vondsten: de originele outfit van de man; bouwtekeningen; presentatie van dit plan. Een kleine bedenking is er misschien t.a.v. sommige wat belegen woorden: uwe doorluchtigheid, is functioneel, maar dat lijkt minder het geval voor: immers; doch; van zins is; dat het oordeel afwijzend moet luiden. Ook heeft de vertaler de neiging woorden iets te veel te herhalen: blik; van mening ben.
De vertaling bevat over het geheel genomen veel goeds en verdient naar het oordeel van de jury de prijs voor niet-classici."
"De originele outfit van de man leidde de aandacht van het publiek af, waardoor Alexanders blik op hem viel. Verbaasd als hij was, gaf hij bevel de ander de gelegenheid te geven naderbij te komen en vroeg hij hem wie hij was. De man zei: 'Ik ben Dinocrates,' en vervolgde: 'een architect uit Macedonië, die U ideeën aan de hand wil doen en bouwtekeningen wil voorleggen die de aandacht van Uwe Doorluchtigheid verdienen. Ik heb namelijk de Athosberg afgebeeld als een mans persoon, in wiens linkerhand ik de muren van een zeer uitgestrekte stad heb getekend, in zijn rechter- een spaarbekken om het water van alle rivieren die er op de berg ontspringen, op te vangen en verder naar zee af te voeren.'
Geboeid door de presentatie van dit plan, vroeg Alexander onmiddellijk of er in de omgeving ook landbouwgrond beschikbaar was om in de voedselbehoefte van de stad te kunnen voorzien. Daar hij concludeerde dat dit slechts mogelijk was met gebruikmaking van overzeese transporten, sprak hij: 'Dinocrates, ik krijg hier een uitstekend plan gepresenteerd, dat mij bijzonder aanspreekt, doch ik realiseer me dat voor iemand die van zins is ter plaatse een kolonie te stichten, het oordeel afwijzend moet luiden. Immers, evenmin als een pasgeboren baby gevoed kan worden zonder de melk van een voedster om volwassenheid te kunnen bereiken, net zo min kan een stad zich met tal van muren verrijken zonder dat ze beschikt over landbouwgrond en de producten daarvan en een groot aantal inwoners tellen, zonder de levensmiddelen om de bevolking mee te voeren.
Hoewel ik van mening ben dat het plan positief beoordeeld moet worden, ben ik toch van mening dat de locatie een negatief oordeel verdient; niettemin wil ik dat je me nu verder vergezelt, aangezien ik nog van je diensten gebruik denk te maken.'
Vanaf dat moment in Dinocrates niet meer van de zijde van de koning geweken en is hij hem tot in Egypte gevolgd. Toen Alexander aldaar een natuurlijke, veilige haven bespeurde, een perfecte stapelplaats voor de graanoogst van heel Egypte, mét daarbij de gigantische mogelijkheden van de rivier de Nijl, gaf hij opdracht de - naar hem zelf te noemen - stad Alexandrië te stichten.
Zo bereikte Dinocrates dankzij zijn physieke voorkomen en zijn uitstraling zijn prominente positie." (C. Eimermann)
In de categorie classici gaat de prijs naar Guido Kuijper. Het juryrapport luidt: “Trefzekere en levendige vertaling, die opvalt door fris hedendaags woordgebruik, een vlotte vertelstijl en een prima alinea-indeling. Ook de teksten in directe rede klinken natuurlijk en overtuigend. Fraaie vondsten zijn o.a.: geïntrigeerd; enthousiast; geweldige potentie. Wel heeft de vertaler op enkele punten iets te stevige ingrepen gepleegd. Zo bevat het slot van alinea 2 (in zee gestort- of zo u wilt geplengd) een onnodige dubbele vertaling van één werkwoordsvorm, waarvan de inhoudelijke rechtvaardiging ook niet duidelijk wordt. Het klinkt mooi , maar het staat er niet, de vertaler heeft een betekenislaag toegevoegd. Omgekeerd is: jouw werk zal mij nog van pas komen in al.4 niet koninklijk genoeg voor: ik zal (wil) gebruik maken van jouw diensten. Als geheel getuigt de vertaling van visie, durf en creativiteit. De paar oneffenheden worden ruimschoots gecompenseerd door de vele goed kanten. De vertaling steekt als geheel duidelijk uit boven de andere”.
Toen Dinocrates met zijn opvallende verschijning de aandacht van het publiek had getrokken, kreeg ook Alexander hem in de gaten. Geïntrigeerd beval hij de man de ruimte te geven om bij hem te komen.
De koning vroeg hem wie hij was. Hij zei: ‘Ik ben Dinocrates, architect, Macedoniër. Ik kom met plannen en ontwerpen, uw majesteit waardig. Kijk maar: de berg Athos heb ik in mijn ontwerp namelijk herschapen in de vorm van een beeld van een man. Vanuit zijn linkerhand laat ik de stadsmuren om een zeer ruim opgezette stad lopen. In zijn rechterhand ziet u een plengschaal die het water van alle riviertjes op de berg opvangt. Het water wordt vandaaruit in zee gestort -of, zo u wilt, geplengd.’
Alexander was enthousiast over het verhaal en het ontwerp. Hij vroeg meteen of er ook landbouwgronden omheen lagen, die konden voorzien in de vraag naar graan van de stad. Dat bleek echter alleen mogelijk door overzeese aanvoer.
Toen hij dat hoorde, zei hij: ‘Dinocrates, ik kijk geboeid naar de schitterende tekening van je ontwerp en deze bevalt mij zeer. Maar ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat iemand die op deze plek een kolonie sticht, uiteindelijk om die beslissing gehekeld zal worden.
Want kijk: een zuigeling moet gevoed worden; zonder de melk van een voedster kan hij zich niet verder ontwikkelen tot dreumes of peuter -laat staan tot volwassenheid. Op dezelfde wijze kan een stad zich niet ontwikkelen zonder akkers waarvan de oogst rijkelijk door de poorten wordt aangevoerd. Zonder een overvloed aan voedsel kan een stad geen groot inwonertal herbergen en zonder voorraden kan een stad haar bevolking niet onderhouden.
Maar: zo ongeschikt als naar mijn mening de locatie is, zo prijzenswaardig vind ik je ontwerp. En daarom wil ik dat je bij mij blijft: jouw werk zal mij nog van pas komen.’
Sindsdien is Dinocrates bij de koning gebleven en is hij met hem meegegaan naar Egypte. Daar ontdekte Alexander een plek met een van nature beschutte haven met geweldige commerciële potentie: centraal gelegen tussen de graanvelden van heel Egypte en met de grote voordelen van de enorme rivier de Nijl. Hij gaf Dinocrates de opdracht om op die plek de stad te bouwen die zijn naam draagt: Alexandrië.
En zo is Dinocrates tot zo’n aanzienlijke positie opgeklommen, op aanbeveling van zijn schoonheid en zijn rijzige gestalte.
De commissieleden danken alle inzenders voor hun inspanning en hopen dat u ook volgend jaar weer in groten getale de uitdaging aangaat!
Het stuk dat ter vertaling werd voorgelegd is van de zevende-eeuwse elegische dichter Tyrtaios, VIII, 1-38. Het fragment begint met het prijzen van moed en geeft adviezen voor het gedrag in de strijd, zoals: “Houdt daarom wijdbeens stand en zet je schrap met beide voeten vast op de grond, je tanden bijtend in je lip. En laat je helmbos daarbij geducht boven je hoofd schudden.”
Er waren negen inzendingen, waarvan één van een niet-classicus.
Volgens het oordeel van de jury is de vertaling van de laatste, Jan van Baardewijk, “knap, maar wel wat weinig gedurfd en soms wat houterig. Knap, want het betreft een behoorlijk pittige tekst en toch zitten er geen echte fouten in. De kwalificatie ‘ietwat houterig en weinig gedurfd’ wordt veroorzaakt door de herhaalde weergave van αὐτοσχεδίην / σχεδόν als ‘het man tegen man gevecht’ en met de van niet al te veel lef getuigende standaardweergaven van de talloze imperativi met ‘moeten’”. Toch meent de commissie Jan te moeten bekronen met de prijs vanwege zijn “knappe, vrijwel foutloze vertaling”.
"Welaan. Onverschrokken moeten jullie zijn. Jullie zijn erfgenamen van de onoverwinnelijke Herakles. Weet dat Zeus zijn blik nog niet van jullie heeft afgewend.
Schrikken jullie toch niet van de vijandelijke overmacht en weest niet bang. Iedere man dient zijn schild recht tegen de voorvechters te houden. Het leven beschouwt hij als zijn vijand. De dood, de schaduwen van de dood, zijn hem lief als de stralen van de zon. Jullie weten dat de werken van Ares vreselijk zijn en tranen brengen. En jullie hebben het afschuwelijk handwerk van de oorlog goed geleerd. Gejaagd en opgejaagd, jong als jullie zijn, jullie hebben het allebei meegemaakt en tot verzadiging geproefd. Van degenen die naar het man tegen man gevecht en naar de voorvechters durven gaan en die bij elkaar blijven, van hen sterven er minder, en zij redden het krijgsvolk achter hen.
Maar van de mannen die de strijd uit vrees ontvluchten, is de heldenroem geheel verloren. Niemand zal ooit in staat kunnen zijn om de ellende te vertellen, die een man overkomt als hij zich zo schandelijk gedraagt. Zelfs in de moorddadige oorlog is het bezwaarlijk om van een man op de vlucht van achteren de rug te doorboren. Want het is een schande als iemand dood terneer ligt in het stof van achteren in de rug getroffen door de punt van een speer.
Iedere man moet zich schrap zetten en blijven staan met beide voeten stevig op de grond. Met zijn tanden bijt hij op zijn lip. Met de holte van zijn brede schild moet hij aan de onderkant de dijen en de schenen, en aan de bovenkant de borst en de schouders bedekken. In zijn rechterhand trilt hij zijn zware speer. De helmbos op zijn hoofd gaat huiveringwekkend heen en weer. Vechten moet geleerd worden door geweldige krijgsdaden te verrichten.
Buiten het bereik van de speren mag hij niet staan met het schild in de hand. Nee, iedere man moet naar het man tegen man gevecht gaan totdat hij er heel dichtbij is, en met zijn zware speer of met zijn zwaard de vijand verwonden en grijpen.Voet tegen voet geplaatst, schild schuurt schild. Helmbos raakt helmbos, helm raakt helm en borst raakt borst. Zo moet hij de vijand bevechten met het gevest van het zwaard in de hand of de zware speer.
En jullie, lichtgewapenden, moeten je onder een schild verschuilen en met enorme stenen werpen en gladgeschaafde speren naar de vijand slingeren, de één van hier, de ander vandaar, en jullie moeten op je plaats blijven dichtbij de zwaarbewapenden." (Jan van Baardewijk)
Van de vertalingen van de classici heeft die van Emgert Zondervan meteen een lichte voorsprong op de anderen door de gedurfde keuze voor een metrische weergave. Die keuze heeft echter ook nadelen: sommige elementen komen door dit keurslijf minder goed uit de verf. De vertaling van Yvonne Wittingen vertoont buitengewoon veel durf en zit vol verrassende keuzes en creatieve vondsten. Daarbij moet aangetekend worden dat de vertaalster zich hierin soms wel wat vergaloppeert. Het gebruik van “gewone” woorden schiet soms door, waardoor sprake is van stijlbreuk.
De vertaling van Guido Kuiper is naar het oordeel van de jury “uiteindelijk de beste vertaling. Deze vertaling paart een constant stijlregister in goed leesbare zinnen aan heel geslaagde vertaalvondsten. Het Nederlands volgt geen strak metrisch schema, maar het leest wel in een heel prettig ritme. Drie voorbeelden ter illustratie van deze kwalificaties: Het oxymoron ‘een bittere zegen’ voor ἀργαλέον is tegelijkertijd letterlijk en interpreterend en hetzelfde kan gezegd worden voor ‘verbijt je angst’ (χεῖλος ὀδοῦσι δακών). Verder is ‘een goed soldaat word je door…’ een bijzonder originele en trefzekere vertaling van διδασκέσθω πολεμίζειν.” De prijs voor Classici gaat dus naar Guido Kuiper.
"Kom op! Jullie stammen toch af van de onoverwinnelijke Herakles?
Zeus laat jullie nog altijd niet vallen; houd moed!
Het aantal vijanden zegt niets: vrees niet en vlucht niet.
Richt als één man je schilden op hun voorste linies,
Het leven verachtend, de zwarte demonen des doods
Koesterend als het geliefde licht van de zon.
Jullie weten hoe gruwelijk het werk van de tranenrijke Ares is,
Jullie zijn bekend met de furie van de harde strijd,
Jullie weten wat het is om te vluchten, om te achtervolgen;
Van beide kregen jullie, jongens, al meer dan je deel.
Degenen die moed houden, die de rangen gesloten houden,
Die op de voorste linies afgaan, man tegen man,
Sneuvelen zelden en zij behoeden het voetvolk achter zich.
Maar van wie vlucht is alle waardigheid verloren.
Niemand zou ooit in woorden kunnen uitdrukken hoeveel ellende
De man ten deel valt die in schande is vervallen.
Want het is een bittere zegen om in de moordende oorlog
De rug te doorboren van een man op de vlucht.
Onteerd is het dode lichaam dat in het stof ligt, dat van achter
In de rug is doorboord door de punt van een speer.
Nee: je moet standhouden: zet je goed schrap, wijdbeens,
Beide voeten stevig op de grond -en verbijt je angst.
Met de holte van je brede schild bedek je van onder je scheen-
en bovenbeen, van boven je borst en je schouders.
In je rechterhand moet je je angstaanjagende speer zwaaien,
En boven je hoofd schud je je dreigende helmbos.
Een goed soldaat word je door het verrichten van grootse daden;
Talm dus niet, buiten bereik van pijlen, achter je schild.
Nee: je moet eropaf gaan en van dichtbij de vijand bedwingen
Hetzij met je lange speer, hetzij houwend met je zwaard.
Zet jouw voet voor zijn voet en druk jouw schild tegen zijn schild;
Laat helmkam tegen helmkam, helm tegen helm,
Jouw borst tegen zijn borst beuken: zo moet je je vijand bevechten:
Het gevest van je zwaard in je hand of een lange speer.
En jullie, lichtbewapenden, zoek dekking achter hún schilden -
De één hier, de ander daar- en werp je grote stenen
En slinger je scherpe spiesen naar de vijandige rangen
En blijf in je positie, dichtbij de hoplieten." (Guido Kuiper)
Op zaterdag 7 april 2018 vond in het Rijksmuseum van Oudheden de finalemiddag en prijsuitreiking van de zesde editie van de Klassieke Olympiaden plaats. Aan deze herculische wedstrijd doen scholieren met Latijn en/of Grieks mee en ook volwassenen, zowel classici als niet-classici, werken aan vertalingen.
De Klassieke Olympiaden startten In september voor de scholieren met een opgave die op school werd gemaakt. Voor Latijn werden de leerlingen bevraagd over een passage uit het werk van Tacitus en de docenten stuurden 434 scores in, waarvan de beste 64 werden uitgenodigd voor een tweede ronde. Bij Grieks betrof het een Griekse samenvatting van de tragedie Andromache van Euripides en hieraan deden 190 leerlingen mee. De beste 58 werden ook in Hilversum uitgenodigd voor de tweede ronde. De leerlingen lazen thuis of in de les over de macht van Seianus aan het hof van keizer Tiberius en over Andromache die na de Trojaanse oorlog meegenomen wordt door de zoon van Achilles naar Griekenland. Eind januari werden zij op het Gemeentelijk Gymnasium Hilversum ondervraagd op inhoud en uitgedaagd met creatieve opdracht: schrijf twee fragmenten uit het dagboek van Tiberius naar aanleiding van de moord op Drusus of schrijf een briefwisseling tussen Tiberius en Seianus. De kandidaten voor Grieks moesten een column over de verhouding man-vrouw of dialoog voor een alternatieve passage in de tragedie schrijven De beste drie van elk vak lazen nog een finalepensum in de lijn van het pensum van de tweede ronde.
Inmiddels hadden ook de volwassenen zich gebogen over de vertaalopgaven: de passage voor Latijn was van Vitruvius uit zijn werk De Architectura. De commissie had gekozen voor het stuk waarin de architect Dinocrates uit Macedonië tot Alexander de Grote doordringt door zich op een heel bijzondere wijze uit te dossen. Hij wil hem namelijk een spectaculair ontwerp laten zien voor de Athosberg. Alexander is weliswaar gecharmeerd van dit plan, maar merkt op dat het logistiek niet haalbaar is. Toch vraagt hij hem in zijn gevolg te blijven omdat hij later van zijn diensten gebruik wenst te maken. Hij gaat met hem mee naar Egypte en ontwerpt voor Alexander de stad Alexandrië. De passage voor Grieks was afkomstig uit het werk van de zevende-eeuwse elegische dichter Tyrtaios. Het fragment begint met het prijzen van moed en geeft adviezen voor het gedrag in de strijd, zoals: “Houdt daarom wijdbeens stand en zet je schrap met beide voeten vast op de grond, je tanden bijtend in je lip. En laat je helmbos daarbij geducht boven je hoofd schudden.”
Tijdens dè finalemiddag trad Theatergroep Aluin op met hun voorstelling Medea die sommige leerlingen en docenten in den lande al eens gezien hadden, maar die zeker de moeite waard is om nog eens te zien. Op indringende wijze weten de acteurs het verhaal van Medea die door haar man Jason wordt ingewisseld voor een jongere prinses over te brengen. Aansluitend sprak Christiaan Caspers, docent klassieke talen aan het Murmelliusgymnasium in Alkmaar, over die een nacht in Pompeii. Uiteraard gaat het om de uitbarsting van de Vesuvius in 79 na Chr., maar in het bijzonder over het toerisme dat vanaf het einde van de 18e eeuw deze opgravingen ging bezoeken. De spreker sloot hierbij aan op een novelle van de Franse schrijver Théophile Gautier getiteld Arria Marcella (1852).
De finalisten moesten ondertussen nog uitmaken wie in aanmerking kwam voor de eerste, twee en derde prijs en werden daarom uitgebreid mondeling ondervraagd door een jury van universitaire docenten: bij Latijn waren dit Christoph Pieper (Universiteit Leiden) en Suzane Adema (Vrije Universiteit Amsterdam) en bij Grieks Hugo Koning en Casper de Jonge (beiden verbonden aan de Universiteit Leiden). De volwassenen konden in de tussentijd genoten van het programma. De juryleden voor zowel de scholieren als de volwassenen waren onder de indruk van de geleverde prestaties.
De uitslag:
Volwassenen Grieks
Guido Kuiper (classicus)
Jan van Baardewijk (niet-classicus)
Volwasenen Latijn
Guido Kuiper (classicus)
C. Eimermann (niet-classicus)
Jongeren Grieks
- Yelle Tanesha (Stedelijk Gymnasium, Schiedam)
- Cato Dijkhuizen (Adelbert College, Wassenaar)
- Martin Lelarge (Maerlant-Lyceum, Den Haag)
Jongeren Latijn
- Laura Ruhé (Vossiusgymnasium, Amsterdam)
- Sven Holtrop (Gemeentelijk Gymnasium, Hilversum)
- Lieve de Putter (Vossiusgymnasium, Amsterdam)
De juryrapporten zullen binnenkort op de site van de Klassieke Olympiaden gepubliceerd worden.
Voor nu gaat de commissie verder met de voorbereidingen voor het schooljaar 2018-2019. De opgave voor de eerste ronde kan in september opgevraagd worden, de pensa voor de tweede ronde proberen wij voor de zomervakantie te publiceren. Ongeacht de deelname aan de tweede tonde zijn deze pensa ook geschikt om in het SE-programma van klas vijf op te nemen.
De Klassieke Olympiaden zijn een initiatief van de Vrienden van het Gymnasium, Vereniging Classici Nederland en het Nederlands Klassiek Verbond en worden financieel bijgestaan door Addisco Onderwijs, Atheneum Boekhandel, Eisma Edumedia, Hermaion, Historische Uitgeverij, Labrys Reizen, Primavera Pers, Staal & Roeland en Theatergroep Aluin. Speciale dank gaat uit naar het Gemeentelijk Gymnasium Hilversum en het Rijksmuseum van Oudheden voor het beschikbaar stellen van hun ruimtes.
Tot volgend jaar!
Van overal zijn ze gekomen, Emmen, Deventer, Schiedam,– noem maar op. Veertig leerlingen Grieks hebben de tweede ronde bereikt van de Olympiade Grieks 2017/2018. De meesten kwamen in kleine groepen en in begeleiding van een docent, maar ook die jonge held uit Den Haag die zijn school in zijn eentje en zonder begeleider vertegenwoordigt.
Nadat het GGH twee weken eerder al de tweede ronde van de Olympiade Latijn heeft mogen herbergen, waren op 24 januari 2018 de Griekse atleten te gast. Voorzichtig en terughoudend in het begin, het is immers een onbekende omgeving, maar na het eerste gedeelte met vragen over een tekstpassage uit de tragedie Andromache van Euripides was dat volledig verdwenen. Met ongeveinsd zelfbewustzijn en een ontspannen lach kwamen ze het na vijfenzeventig minuten het pauzelokaal binnen. De scandeervraag was best lastig, toch? Was dat nou wel of niet een korte lettergreep aan het begin van het tweede vers? Daarna de tweede, creatieve helft. Een column schrijven of een dialoog tussen Andromache en Hekabe in de stijl van Euripides in 500 worden. Gelukkig maar in het Nederlands. Na opnieuw vijfenzeventig minuten deden de handen wel een beetje pijn, maar in de gezichten stond wel een soort voldoening te lezen als de leerlingen op weg gaan naar huis. En misschien ook wat spanning. Wie mag er door naar de derde ronde?
Wij danken de rector en docenten Klassieke Talen van het Gemeentelijk Gymnasium Hilversum van harte voor hun gastvrijheid.
Woensdagmiddag 10 januari vond de tweede ronde van de Klassieke Olympiade Latijn plaats op het GGH.
Ruim veertig zeer gemotiveerde leerlingen kwamen uit het hele land bijeen in de hoop een plaats in de finale te bemachtigen. Als eerste gingen ze aan de slag met vragen over voorbereide teksten. Na een korte pauze konden ze aan de slag met een vrijere opdracht. Hierin werd werd hun creatieve brein uitgedaagd. Zo konden ze zich onder andere inleven in keizer Tiberius door een stukje van zijn dagboek te schrijven.
Op 24 januari zijn de kandidaten voor de tweede ronde Grieks te gast op het Gemeentelijk Gymnasium Hilversum.
Wij danken de rector en docenten Klassieke Talen van het GGH van harte voor hun gastvrijheid.
Na de eerste ronde van de Klassieke Olympiaden voor de leerlingen starten nu ook de vertaalwedstrijden voor volwassenen. De opgaven zijn inmiddels op de website gepubliceerd.
De wedstrijd voor Latijn spitst zich toe op een passage uit het werk van Vitruvius. Hij beschrijft hierin de ontmoeting van Dinocrates, een Macedonische architect, met Alexander de Grote. Deze bouwkundige dost zich op een wel heel bijzondere wijze uit om bij de koning op te vallen. Later wordt Dinocrates de grote technisch raadgever van Alexander de Grote en is hij de ontwerper van de Egyptische stad Alexandrië. Ook is hij verantwoordelijk voor de heropbouw van de tempel van Artemis in Ephese. De passage die aan de vertalers wordt voorgelegd gaat over zijn spectaculaire plan voor de Athosberg, een plan dat nooit is uitgevoerd.
De passage Grieks is afkomstig van de hand van de dichter Tyrtaios. Deze Spartaan leefde omstreeks het midden van de zevende eeuw voor Christus. In zijn gedichten spoort hij zijn medeburgers aan tot strijd tijdens de Tweede Messenische oorlog (640-623 v. Chr.). De stijl van Tyrtaios heeft veel weg van Homeros.
De jury verwacht vertalingen in correct Nederlands, waarin de nuances van de brontekst adequaat worden weergegeven. Vertalingen waarvan het Nederlands ook literair verzorgd is maken meer kans op bekroning. Let op: bewerkingen en creatieve eigen versies van het verhaal worden uitgesloten. In een Nederlandse vertaling wordt met alle elementen van de originele tekst iets gedaan, en staan in principe geen toegevoegde elementen, anders dan vanuit de noodzaak van het Nederlandse taaleigen. Als model voor literaire vertalingen kan men denken aan vertalingen in boekvorm zoals recent uitgegeven bij Athenaeum - Polak & Van Gennep, Historische Uitgeverij, Damon enz.
U kunt uw vertaling per e-mail inzenden tot 24 januari 2018 naar het adres: klassiekeolympiaden@gmail.com.
De verenigingen stellen naast eeuwige roem, die de winnaars van deze Klassieke Olympiaden ten deel valt, prachtige prijzen in de vorm van boeken beschikbaar.
Beste docenten Klassieke Talen,
Deze week zijn de Klassieke Olympiaden 2017-2018 van start gegaan. Deze wedstrijden voor Latijn en Grieks richten zich op leerlingen uit klas 5, alhoewel excellente vierdeklassers en examenkandidaten ook mee mogen doen. Met name voor leerlingen die dit schooljaar examen doen, is het aan te bevelen om het tijdspad van de Olympiade vooraf kritisch te bekijken.
Via onze website kunt u uw school aanmelden en na aanmelding ontvangt u binnen een week de opgaven via de mail. U heeft tot en met woensdag 15 november de tijd om de toetsen in uw klas af te nemen, na te kijken en de scores naar ons te mailen. Leest u voorafgaand aan de afname van de opgaven de instructie die bij het correctiemodel is gevoegd. Wij verzoeken u om de scores van alle deelnemende leerlingen in het door ons aangeleverde Excelformat te mailen naar klassiekeolympiaden@gmail.com. Wij selecteren de beste veertig tot vijftig leerlingen afhankelijk van hun score en we willen geen kandidaten benadelen.
In de week van 20 november maakt de organisatie via de website en een e-mail naar de docenten van de deelnemende leerlingen bekend welke leerlingen door zijn naar de tweede ronde. In deze ronde worden de kandidaten bevraagd over een pensum dat zij zelfstandig of in de klas gelezen hebben. Voor Latijn is dat dit jaar een passage uit het werk van Tacitus waarin hij schrijft over de rol van Seianus in het keizerlijk hof ten tijde van Tiberius en zijn betrokkenheid bij de moord op Drusus. De tragedie Andromache van Euripides staat centraal voor de wedstrijd Grieks. Als slavin wordt deze Trojaanse prinses meegevoerd naar Griekenland en baart haar overwinnaar een zoon. Dit zorgt voor grote jaloezie bij de wettige echtgenote. Beide pensa zijn te downloaden op onze website. U kunt deze ook gebruiken als onderdeel van uw schoolexamen.
In januari vindt deze tweede ronde plaats op het Gemeentelijk Gymnasium Hilversum. Grieks en Latijn zullen op twee verschillende dagen worden afgenomen, zodat het mogelijk is dat een leerling aan beide wedstrijden deelneemt. De deelnemers aan de tweede ronde zullen eerst vragen beantwoorden over het gelezen pensum. Na een korte pauze zullen zij aan de slag gaan met een creatieve/vrije opdracht die betrekking heeft op dit pensum. Het geheel zal maximaal 2,5 tot 3 uur duren. Om een beeld te krijgen van de vragen en opdrachten die gesteld worden, kunt u op onze website de opgaven van vorig jaar bekijken.
De jury zal al het werk beoordelen en aan de hand hiervan de beste drie per taal selecteren. Over de uitslag zullen geen verdere mededelingen gedaan worden dan het bekend maken van de drie finalisten. Deze bekendmaking zal geschieden via de website en een e-mail aan de docenten van de deelnemers.
De finale zal plaatsvinden op zaterdag 7 april maart 2018 in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Daar zullen de drie finalisten Grieks en drie finalisten Latijn mondeling ondervraagd worden over een nieuwe passage van circa 50 regels uit het werk van Tacitus en Euripides dat tevoren bestudeerd pensum moet worden.
Nog even alle belangrijke data op een rijtje:
- uiterste inzenddatum scores eerste ronde: 15 november 2017
- bekendmaking deelnemers tweede ronde: week van 20 november 2017
- tweede ronde Latijn in Hilversum: 10 januari 2018
- tweede ronde Grieks in Hilversum: 24 januari 2018
- finale in het RMO in Leiden: 7 april 2018
Mochten er vragen zijn, neemt u gerust contact op met de organisatie van de Klassieke Olympiaden via klassiekeolympiaden@gmail.com.
Met vriendelijke groet,
Alwies Cock
Annemieke Dijkmans-Pas
Tinka Muthert
Simon Veenman
Danny Veldhoven
Vandaag begint in het midden van het land de zomervakantie en de organisatie van de Klassieke Olympiaden is erin geslaagd om de pensa voor de tweede ronde te publiceren.
In september starten we weer met de Klassieke Olympiaden voor Latijn en Grieks. De eerste ronde bestaat ook dit jaar uit een grotendeels meerkeuzetoets op school. Dit jaar staat Tacitus bij Latijn centraal en Eripides' Andromache bij Grieks. Als docent kunt u na de zomer de opgaven voor de eerste ronde aanvragen.
De beste kandidaten uit de eerste ronde gaan door naar de landelijke tweede ronde die in januari plaatsvindt. Hiervoor lezen de leerlingen vooraf een pensum dat inhoudelijk bevraagd zal worden en waaraan een creatieve schriftelijke opdracht gekoppeld wordt. Deze pensa zijn inmiddels gepubliceerd en kunt u ook gebruiken voor het schoolexamen Latijn en Grieks. Bij Latijn lezen de leerlingen uit Tacitus' Annales over keizer Tiberius en zijn commandant Seianus die op de hoogste macht uit was en en niet schuwde om gebruik te maken van allerlei verderfelijke methodes om dit doel te realiseren. Voor Grieks bieden we een passage uit het tragediegenre aan. Euripides vertelt over de situatie na de inname van Troje. Andromache, de vrouw van Trojaanse strijder Hektor, gaat na de moord op haar zoontje Astyanax als oorlogsbuit mee naar Griekenland. Neoptolemos, de zoon van Achilles, is haar nieuwe meester en in Fhtia breekt onenigheid uit tussen diens vrouw Hermione en Andromache.
Na de selectie van de beste drie per taal uit de tweede ronde strijden de finalisten in maart in het Rijksmuseum van Oudheden te Leiden om de geldbedragen van 250, 150 en 100 euro en de eeuwige roem.
Wij wensen u een mooie zomer!
De Klassieke Olympiaden zijn een initiatief van de Vrienden van het Gymnasium, Vereniging Classici Nederland en het Nederlands Klassiek Verbond en worden financieel bijgestaan door Addisco Onderwijs, Atheneum Boekhandel, Eisma Edumedia, Hermaion, Historische Uitgeverij, Labrys Reizen, Primavera Pers, Staal & Roeland en Theatergroep Aluin. Speciale dank gaat uit naar het Stedelijk Gymnasium Johan van Oldenbarnevelt in Amersfoort en het Rijksmuseum van Oudheden voor het beschikbaar stellen van hun ruimtes.
Het aantal inzendingen van de volwassenen voor de vertaalwedstrijden Grieks en Latijn groeit langzaam maar zeker. De organisatie stelt het bijzonder op prijs dat het merendeel van de deelnemers de moeite neemt om zowel bij Grieks als bij Latijn een poging te wagen. Bij beide talen is er door de jury onderscheid gemaakt tussen classici en niet-classici.
Bij Latijn betrof het een passage van Aulus Gellius (15, 22) over de leider Sertorius, die door middel van leugens zich van trouw van zijn onderdanen verzekerd wist.
Over de vertaling van Maryo van der Hilst, een niet-classica, is de jury lovend: een goede vertaling in levendig Nederlands. De zinnen zijn trefzeker en conform eigentijds Nederlands gebruik. Dit blijkt bijvoorbeeld in een wijze terughoudendheid met bijzinnen aan het begin van constructies. Dat vergt ingrepen bij het omzetten van de Latijnse syntaxis. De vertaling is stilistisch evenwichtig.
Over de vertaling van de classicus Guido Kuijper zegt de jury het volgende: een prima leesbare vertaling in sprankelend Nederlands: een echt, goed verteld verhaal. De vertaling is weliswaar niet foutloos en soms zelfs betwistbaar (al. 1 'en bespelen' lijkt niet herleidbaar tot het Latijn; al. 2 'dan ook genoegzaam bekend' is onjuist; al. 2 'men slikte het voor zoete koek' niet herleidbaar tot het Latijn). Maar de minpunten worden gecompenseerd door de pluspunten: heldere tekststructuur (beter zelfs dan de indeling waarin de brontekst is gepresenteerd!), variatie in de zinsbouw, goed oog voor spanning en drama. Een mooi voorbeeld hiervan is de vrije, maar effectvolle weergave van het laatste element in de slotzin ('en met groot succes'). Als geheel laat de tekst een trefzekere en evenwichtige keus zien qua zinslengte, zinsbouw en stijlniveau.
Sertorius was een scherpzinnig man en buitengewoon generaal en bekwaam in het gebruik en leiden van het leger. In zeer moeilijke tijden loog hij regelmatig tegen zijn soldaten, als zo’n leugen voordeel op zou leveren; zo las hij bij elkaar verzonnen brieven als waren het echte of simuleerde hij een visioen en haalde er gefingeerde religieuze gedachten bij, alles om de moraal van zijn manschappen ook maar iets te helpen.
Dit in het bijzonder is van Sertorius bekend: een witte hinde van uitzonderlijke schoonheid en zeer levendige gezwindheid is hem geschonken door een man uit Lusetanië. Hij begon iedereen te overtuigen dat dit dier van godswege afkomstig was en door de goddelijke wil van Diana aangespoord met hem sprak, hem raad gaf en informeerde wat nuttig was om te doen; als iets te moeilijk leek om aan de soldaten te bevelen, verklaarde hij dat dit hem persoonlijk door de hinde was aangeraden. Wanneer hij dit had beweerd, gehoorzaamden allen gezamenlijk gewillig als aan een god.
Hieronder leest u de vertalingen van de winnaars:
"Sertorius was een scherpzinnig man en buitengewoon generaal en bekwaam in het gebruik en leiden van het leger. In zeer moeilijke tijden loog hij regelmatig tegen zijn soldaten, als zo’n leugen voordeel op zou leveren; zo las hij bij elkaar verzonnen brieven als waren het echte of simuleerde hij een visioen en haalde er gefingeerde religieuze gedachten bij, alles om de moraal van zijn manschappen ook maar iets te helpen.
Dit in het bijzonder is van Sertorius bekend: een witte hinde van uitzonderlijke schoonheid en zeer levendige gezwindheid is hem geschonken door een man uit Lusetanië. Hij begon iedereen te overtuigen dat dit dier van godswege afkomstig was en door de goddelijke wil van Diana aangespoord met hem sprak, hem raad gaf en informeerde wat nuttig was om te doen; als iets te moeilijk leek om aan de soldaten te bevelen, verklaarde hij dat dit hem persoonlijk door de hinde was aangeraden. Wanneer hij dit had beweerd, gehoorzaamden allen gezamenlijk gewillig als aan een god.
Op zekere dag, toen een aanval van de vijand was bericht, sloeg de hinde opgeschrikt door de haast en het tumult ijlings op de vlucht en hield zich schuil in het nabij gelegen moeras en nadat er lange tijd naar haar gezocht was heeft men haar vervolgens dood gewaand. Niet veel dagen later ontving Sertorius het bericht dat de hinde gevonden was. Daarop beval hij de brenger van die boodschap te zwijgen en, opdat deze aan niemand iets openlijk zou zeggen, verordende Sertorius hem onder bedreiging dat hij de hinde een dag later onverwacht op de plek waar hij zelf zou zijn met zijn vrienden, moest binnen laten.
Vervolgens, de dag erna toen hij zijn vrienden had ontvangen zei Sertorius dat hij in zijn slaap de dood gewaande hinde had gezien en dat het bij hem terug gekeerd was, en dat het dier zoals eerder de gewoonte was geweest, te kennen had gegeven wat er moest gebeuren; daarna wenkte hij de slaaf die hij gecommandeerd had en stoof de losgelaten hinde de slaapkamer van Sertorius binnen, waar na rumoer bewondering ontstond.
Deze lichtgelovigheid van barbaren kwam Sertorius bij belangrijke zaken heel goed van pas." (Maryo van der Hilst)
"Sertorius was een geslepen man en een uitstekend generaal: hij wist hoe hij zijn soldaten moest inzetten, leiden en bespelen. In zeer lastige omstandigheden deinsde hij er zelfs niet voor terug te liegen, als de leugen voordeel zou brengen. Gefingeerde brieven, geveinsde dromen, bijgeloof – als het hem hielp iets van zijn soldaten gedaan te krijgen, greep hij die middelen aan.
De volgende anekdote over Sertorius is dan ook genoegzaam bekend: hij had eens een witte hinde cadeau gekregen van een Lusitaniër - een buitengewoon prachtig en levendig dier. Vanaf dat moment kreeg iedereen steevast te horen dat de hinde hem door Diana was gezonden en dat de godin via het dier met hem sprak, hem waarschuwde en hem nuttige aanbevelingen deed. Men slikte het voor zoete koek.
Dus wanneer Sertorius eens in zijn maag zat met een nogal lastige opdracht voor zijn soldaten, drukte hij hen op het hart dat deze door de hinde was opgedragen. En als hij dát had gezegd, gehoorzaamde iedereen gewillig, in de overtuiging dat ze een godheid gehoorzaamden.
p een zekere dag werd er alarm geslagen: de vijand deed een aanval! Tumult, geschreeuw… de hinde raakte in paniek, ging ervandoor en verschool zich in een naburig moeras. Er werd nadien naar haar gezocht, maar tevergeefs. Men ging ervan uit dat het dier dood was.
Een paar dagen later kreeg Sertorius echter het bericht dat de hinde gevonden was. Hij drukte de boodschapper op het hart hierover te zwijgen en zette dit kracht bij met dreigementen -niemand mocht het weten! Hij droeg op het dier volgende dag plotseling los te laten in de ruimte waar hij zelf met zijn vrienden zou zijn.
De volgende dag ontving Sertorius zijn vrienden. Hij vertelde dat hij de hinde, hoewel overleden, in zijn droom gezien had en dat zij hem verkondigde wat er gedaan moest worden -zoals ze eigenlijk altijd gedaan had.
En toen gaf hij een teken, waarop een slaaf, zoals bevolen, de hinde losliet. Zij stormde het vertrek van Sertorius binnen. Kreten van verbazing en bewondering klonken op.
En zo maakte Sertorius bij belangrijke zaken gebruik van de lichtgelovigheid van barbaarse mensen -en met groot succes." (Guido Kuijper)
De winnaars mogen voor 100 euro per persoon een keuze maken uit het aanbod van de Historische Uitgeverij. Ook hebben zij een trofee ontvangen.
Het aantal inzendingen van de volwassenen voor de vertaalwedstrijden Grieks en Latijn groeit langzaam maar zeker. De organisatie stelt het bijzonder op prijs dat het merendeel van de deelnemers de moeite neemt om zowel bij Grieks als bij Latijn een poging te wagen. Bij beide talen is er door de jury onderscheid gemaakt tussen classici en niet-classici.
In de gekozen passage van Ploutarchos (Ἐρωτικαὶ Διήγησεις 5) kunnen we lezen hoe Demokrita, die in het nauw gedreven was door de politieke tegenstanders van haar man, tot haar wanhoopsdaad komt.
Allereerst steken in de categorie Grieks bij de niet-classici twee vertalingen boven de andere uit. Beide vertalingen onderscheiden zich op sommige punten in positieve zin, maar op andere juist weer niet. In beide vertalingen valt ook op details een en ander af te dingen.
Ondanks de breedsprakigheid (bijna twee maal zoveel woorden als het origineel!) verdient de vertaling van Christiaan van Andel Steenwijk toch de eerste prijs, omdat de nuances in de tekst beter overgebracht worden en het verhaal prettiger leesbaar is.
Bij de classici blijkt het uiteindelijk ook om een tweestrijd te gaan: de vertalers gebruiken beiden een zakelijke en heldere vertelstijl en ontlopen elkaar niet veel. Ook deze keuze is moeilijk. Uiteindelijk valt de keuze op de vertaling van Tom Ingelbrecht. De doorslag geeft daarbij, dat hij de alinea’s (afgezien van de laatste) begint met een korte hoofdzin, wat heel prettig is voor de lezer. En, ook al staat dat natuurlijk los van de vertaling, de gehanteerde ‘Griekse’ spelling is ook een charmant gegeven van deze tekst.
Hieronder leest u de vertalingen van de winnaars:
"Alkippos was van geboorte een Lakedaimoniër. Hij nam Damokrita tot vrouw en werd vader van twee dochters. Wanneer hij politieke adviezen gaf was niemand hem de baas, maar ook in wat hij ten uitvoer bracht om aan de wensen van de Lakedaimoniërs te voldoen, betoonde hij zich telkens de beste. Dat wekte de afgunst van zijn politieke vijanden. Door de eforen te bewerken met valse beschuldigingen, die erop neerkwamen dat Alkippos van plan zou zijn geweest de gevestigde orde omver te werpen, maakten zij uitgerekend déze man tot een banneling.
Want hij vluchtte uit Sparta weg, maar zijn vrouw Damokrita werd door hen tegengehouden, toen zij zich samen met haar dochters bij haar man wilde voegen. En daarbij bleef het niet: zij namen zijn vermogen in beslag om ervoor te zorgen dat het de meisjes , die immers ongehuwd waren, aan middelen zou ontbreken om in hun bruidsschat te kunnen voorzien. Maar toen sommige mannen desondanks pogingen deden om de meisjes het hof te maken vanwege de goede reputatie van hun vader, kregen hun vijanden het gedaan dat het krachtens een officieel besluit aan een ieder werd verboden om ook maar te proberen met de meisjes een huwelijk aan te gaan. Daarbij gaven zij als reden op dat hun moeder Damokrita er meermalen om gebeden had dat haar dochters spoedig zonen ter wereld zouden brengen, met de bedoeling dat die zouden opgroeien tot de toekomstige wrekers van hun vader.
Hoewel Damokrita dus aan alle kanten in het nauw werd gedreven, wachtte zij de viering van een groot volksfeest af. Daaraan namen de vrouwen deel, samen met de ongehuwde meisjes, de huisslavinnen en de kleine kinderen. Maar de echtgenotes van de hoogste ambtsbekleders brachten in besloten gezelschap de hele nacht door in een grote hal, waarin de mannen gewoonlijk hun drinkgelagen hielden. Nadat zij het juiste moment in het oog had gehouden, waarop alle echtgenotes betrokken waren bij de voltrekking van hun geheime ritueel in de hal, bond zij zich een krijgsgordel met een zwaard om het middel, nam de meisjes mee en begaf zich 's nachts naar de geheiligde plaats. Daarna - de ingangen waren inmiddels afgegrendeld - barricadeerde zij de deuren met blokken hout in grote hoeveelheden (die waren door die vrouwen zelf klaargelegd voor de offerceremonie als onderdeel van het feest) ... en stak deze in brand.
En terwijl de mannen massaal ter redding kwamen aangesneld, sneed Damokrita haar dochters de keel door en evenzo vergoot zij over hen haar eigen bloed. Omdat de Lakedaimoniërs niet wisten hoe zij hun woede moesten koelen, wierpen zij de lijken van Damokrita én die van haar dochters buiten de landsgrenzen. Dat juist die daad de toorn van de godheid opwekte, verklaart volgens de overlevering waarom de grote aardbeving de Lakedaimoniërs getroffen heeft." (Christiaan van Andel Steenwijk)
"Alkippos was een Lakedaimoniër van geboorte. Hij was gehuwd met Damokrita en was vader van twee dochters. Omdat hij de stad voortreffelijk van advies voorzag en datgene realiseerde waar de Lakedaimoniërs behoefte aan hadden, werd hij door zijn politieke tegenstanders met afgunst bekeken. Met valse beweringen (Alkippos zou ernaar streven het wetsbestel op te heffen) misleidden zij de eforen en kregen het voor elkaar dat de man werd verbannen.
En zo vertrok hij uit Sparta. Maar toen zijn vrouw hem met hun dochters wilde achternagaan, liet men haar dat niet toe. Meer nog: om er voor te zorgen dat de meisjes niet over een bruidsschat zouden kunnen beschikken, werd Alkippos’ bezit u ook verbeurd verklaard. Omdat er zelfs in deze omstandigheden sommigen waren die naar de hand van de kinderen wilden dingen, op basis van de voortreffelijkheid van hun vader, verboden zijn vijanden bij decreet om de meisjes nog ten huwelijk te vragen. Ze beweerden namelijk dat hun moeder Damokrita dikwijls had gebeden dat haar dochters snel kinderen op de wereld zouden zetten om de wrekers van hun vader te worden.
Damokrita was nu van alle kanten in het nauw gedreven. Geduldig wachtte ze echter een openbaar feest af, waar vrouwen en meisjes, personeel en kleine kinderen aan deelnamen, maar de vrouwen van de machthebbers op zichzelf in een grote bankethal de nacht doorbrachten. Ze omgordde zich met een zwaard, nam haar dochters mee en trok naar de heilige plaats, waar ze haar kans afwachtte tot alle vrouwen bezig waren met het uitvoeren van de mysteriën. Toen de ingangen waren gesloten stapelde ze het hout, dat door de anderen was klaargelegd voor het feestelijke offer, op tegen de deuren en stak het in brand.
Toen de mannen hun vrouwen te hulp kwamen lopen, sneed Damokrita haar dochters de keel over en bovenop de lijken doodde ze vervolgens zichzelf. De Lakedaimoniërs zagen geen manier om hun razernij te laten luwen en wierpen de
lijken van Damokrita en haar dochters buiten hun territoriale grenzen. Men vertelt dat het hierdoor zou zijn geweest dat de god razend was en de grote aardbeving de Lakedaimoniërs heeft getroffen." (Tom Ingelbrecht)